Votiefscheepjes

Votiefscheepjes

Ook deze votiefscheepjes hebben, net als mijn andere werk, een relatie met de oudheid.

Ze zijn gemaakt van zwartbakkende klei. Sommige bewerkt met een sinterengobe met chroomoxide en kobaltoxide, andere met rode schilderspigmenten. Sommige hebben dierenkoppen of andere versieringen, andere hebben mastjes.


In de vroege oudheid bestond het gebruik de godheid om een gunst te smeken maar daar ook iets tegenover te stellen. Om een smeekbede kracht bij te zetten beloofde de smeker de godheid een cadeau. Na een behouden vaart was een miniatuurscheepje natuurlijk een passende gave. Het werd in de tempel van de betreffende godheid geplaatst.

Er zijn meerdere votiefscheepjes uit de vroege oudheid, van meer dan 1000 jaar voor onze jaartelling, bewaard gebleven. Maar er zijn er ook veel bekend uit de latere Romeinse en Christelijke tijd.

Het maakproces
Deze scheepjes zijn gemaakt van zwartbakkende chamotte klei. Bij het maken gaan ze meerdere keren door mijn handen:
- Eerst wordt van een kleiklompje de grove vorm van een scheepje geboetseerd, na enige droging wordt die vorm verfijnd, en na weer enige droging – wanneer de klei bijna leerhard is – wordt de huid afgewerkt. In dit geval met krasjes, gaatjes en deukjes en met mijn initialen en een nummer op de bodem.
- Als de klei echt helemaal goed is gedroogd, na ongeveer een week, wordt het scheepje biscuit (op ongeveer 1000 °C) gestookt. De scherf is dan nog open genoeg voor de volgende behandeling.
- De sinter-engobe, een mengsel van kleipoeder, een smeltmiddel en één of meerdere oxides, wordt gemengd en aangebracht. In dit geval gebruikte ik bij een deel van de scheepjes chroom- en kobaltoxide (donker blauw-groen) en bij een ander deel rode schilders-pigmenten als kleurstoffen. Zolang dit mengsel niet gebakken is is het giftig, dus dat doe ik gehuld in beschermende kleding, bril, stofkapje, handschoenen. Het dunne papje wordt met een kwast op het scheepje aangebracht, vooral goed in de kiertjes. Daarna wordt alles wat niet in de kiertjes zit er zoveel mogelijk weer vanaf geveegd.


Het woord votief komt van het Latijnse woord votum, dat belofte betekent. Op de Zeeuwse Nehalennia-altaren uit de Romeinse tijd wordt de ingehakte tekst doorgaans afgesloten met de standaardformule V.S.L.M., een verkorte weergave van Votum solvit libens merito (heeft zijn gelofte gaarne en met reden ingelost).

- Het scheepje wordt nogmaals gebakken, nu op ongeveer 1160°C.
- Als het is afgekoeld wordt met een doek voorzichtig een beetje bijenwas op de bovenrand en buitenkant uitgesmeerd. Na droging wordt die laag enigszins glanzend gepoetst met een schoenborstel, zodat er een mooi contrast ontstaat met de doffe engobe.
- Bij de scheepjes met een mastvoetje wordt in het mastvoetje wat nog vochtige klei gedaan en daarin wordt het mastje gedrukt. Die klei krimpt wat en zo blijft het mastje een beetje uit het lood staan, voor een dynamischer effect.

Copyright @ All Rights Reserved